Je bent nooit te oud om jong te zijn!
Wellnezz.tv Brengt Het In Beeld - Boeken - Boek Trailers - Auteurs - Ontmoet De Auteur - Schrijver - Schrijfster
Persoonlijke ontwikkeling, psychologie, succes,
lifestyle algemeen
Onderstaande tekst komt uit het boek: Passie en Power - leven met hart en ziel


1.3 Geen uitblinker, toch passie en power!

Van jongs af aan wist ik al dat ik er hard voor moest knokken om mee te komen. Werkelijk niets kwam me aangewaaid. Voor alles
moest ik wat meer doen dan vele anderen. Toch heeft mij dat juist gevormd en kan ik terugkijken met een gevoel van voldoening. Heb ik alles gedaan wat ik wilde. Nog steeds is mijn ambitie niet te stuiten. Ik weet dat het de roep van mijn ziel is, die wenst dat ik zoveel mogelijk blijf leren.

Als je zo openstaat als ik en luistert naar wat je ziel je influistert – via mijn dromen, visioenen en helderhorendheid – blijf je wel doorgaan. En ik geniet ervan. Steeds meer groeien. Het ene moment leren met mijn hoofd, daarna weer bezig zijn met mijn handen. Leeftijd speelt voor mij geen enkele rol. Mijn motto is: je bent nooit te oud om jong te zijn. Mijn leven begon in 1946 in Amsterdam. Al vrij snel na mijn geboorte kreeg ik een huidprobleem: een ernstige vorm van constitutioneel
eczeem, een sterk jeukende ontsteking van de huid, gepaard met roodheid en schilferigheid. Voor deze ziekte bestaat een aangeboren aanleg en zij wordt geassocieerd met astma. Bepaalde oorzaken kunnen eczeem verergeren. In mijn geval bleek dit voedselallergie te zijn.

Geen complex
Het eczeem bedekte soms de hele onderkant van mijn gezicht en vooral de huid rond de mond had het flink te verduren. Het was soms zo erg dat kinderen op school van hun moeder niet met mij mochten omgaan. Het was niet besmettelijk, maar het zag er vreselijk uit. Mijn moeder deed het echter altijd voorkomen alsof er niets aan de hand was. Ze zei: “Oh, iedereen heeft wel wat, hoor. Dat hoort er allemaal bij.” Om die reden heb ik er nooit een complex van gekregen. Het was voor mij zo normaal om met die wonden in mijn gezicht te leven. Uiteindelijk is het eczeem tot mijn 13e jaar in meerdere of mindere mate gebleven. Daarna verdween het opeens en het kwam nooit meer terug. Ik groeide op in een gezin met een lieve, hardwerkende vader, die zonder enige opleiding vlak na de oorlog kansen kreeg én risico’s durfde te nemen. Hij had een passie en wilde iets bereiken. Hij kwam in de gelegenheid om het bedrijf waar hij chef was over te nemen en werd directeur. Een echte selfmade man dus. Mijn vader was wijs, schreef prachtige gedichten en kon – ondanks het feit dat hij een heel zwijgzame man was – ook prachtig declameren. Hij had het mooiste handschrift dat je kon bedenken. Doordat mijn vader voor zichzelf was begonnen en de wind aardig mee had in die tijd, hadden wij het thuis financieel heel goed en konden we ons vrijwel alles veroorloven. Mijn moeder – een geweldige vrouw en een supermoeder – had een baan in de psychiatrie toen zij mijn vader ontmoette. Het was liefde op het eerste gezicht tussen hen. Mijn moeder stopte met werken om voor de kinderen te zorgen.

Kwetsbaar
Mijn ouders hadden beiden een heel zware, liefdeloze jeugd gehad. De moeder van mijn moeder had een uitgesproken hekel aan haar dochter, waardoor mijn moeder haar hele leven heeft gesmacht naar goedkeuring. Ondanks dat ze heel bijdehand was – vaak zelfs dominant – was ze enorm kwetsbaar. Daarbij is mijn moeder – zo lang ik me kan herinneren – altijd ziek geweest: astmatische bronchitis. Haar longcapaciteit was minimaal en later kreeg ze er nog ernstige reuma bij. Het leven
was zwaar voor haar met zoveel ziektes. Gelukkig had ze veel humor. Samen met de enorme liefde voor haar gezin hield dat haar op de been. Mijn ouders hadden zich direct bij hun trouwen voorgenomen dat zij nooit ruzie zouden maken waar de kinderen bij waren. Ze hadden zelf thuis zoveel ellende meegemaakt dat zij dit hun eigen kinderen wilden besparen. Ik heb ze dus nooit ruzie zien of horen maken. Soms hoorde ik hen wel eens in de slaapkamer zachtjes praten, maar als ze daar weer
uitkwamen, kon je niet merken dat er onenigheid was geweest. Ik groeide daardoor op in een heel harmonieuze sfeer.
Mijn broer, twee jaar ouder dan ik, droeg mij op handen. Alles wat ik deed, vond hij fantastisch en andersom. We hielden heel veel van elkaar. Het was een bijzondere jongen en uitgesproken intelligent. Hij mocht op de basisschool meerdere klassen overslaan. Daarbij kwam dat hij een absoluut gehoor had. Wat hij hoorde, kon hij bijvoorbeeld op de piano meteen naspelen. Toen ik een jaar of negen was, gingen we beiden op pianoles. Ik moest keihard oefenen om op de volgende pianoles
goed voor de dag te komen en was iedere dag minstens een uur aan het studeren. Ik vond het geweldig en deed het met veel passie. Mijn broer hoefde echter niets te doen. Hij luisterde naar wat ik deed en speelde het op de les na zoals hij het van mij had gehoord, maar dan veel beter. Op een dag zei de pianoleraar: “Marjo, je moet een voorbeeld nemen
aan je broer, hij doet écht zijn best en is ook veel beter dan jij.” Dat kwam hard aan. Ik was razend op die man. Nog steeds als ik aan hem terugdenk, begrijp ik niet hoe een volwassene zo’n domme opmerking kan maken tegen een kind. Ik ben meteen gestopt met pianolessen. Helaas. Achteraf hadden we gewoon een andere leraar moeten zoeken, maar ik was zo diep gekwetst dat ik geen piano meer kon zien. Mijn broer kon er natuurlijk niets aan doen, maar hij stopte eveneens direct
uit solidariteit met mij. Ook hij had het volkomen gehad met deze man.

Lyrische verhalen
Mijn broer ging zelfs zó goed op de basisschool dat mijn moeder – op momenten dat ze niet zo lekker in haar vel zat – naar school ging om maar weer eens te vragen hoe het met hem ging op school. Ze vond het heerlijk om van zijn onderwijzeres lyrische verhalen over mijn broer te horen. Deze onderwijzeres – tevens hoofd van de school – raakte niet uitgepraat over hoe bijzonder mijn broer was. Mijn moeder kreeg daar een enorme kick van en kon er dan weer even tegen. Typerend was dat deze vrouw aan het eind van het gesprek altijd nog even een sneer aan mijn adres moest geven. “Tja, … Marjo, het is niet haar broer hè?” Dat deed mijn moeder dan wel weer pijn. Zij heeft mij dat overigens later pas verteld. Ik leefde dus altijd enigszins in de schaduw van mijn broer, maar merkte daar nagenoeg niets van. Mijn ouders hielden zo verschrikkelijk
veel van mij, de grond was te koud waar ik over liep. En ondanks het feit dat bij mij alles redelijk moeizaam ging, zei mijn moeder altijd: “Mar kan alles!” Ik heb geen idee waarom ze dat zei, maar het resoneert nog steeds door mijn hoofd en mijn energie. Ik ben ervan overtuigd dat deze opmerking heel goed is geweest voor mijn zelfvertrouwen. Doordat mijn moeder haar waardering uitsprak, ben ik opgegroeid met een sterk gevoel van eigenwaarde. Ik realiseer me ook dat ik daardoor alles
heb aangepakt wat ik wilde doen en me nooit door iets of iemand heb laten tegenhouden.

Complimenten
Ik geloof heilig in complimenteren. Ik zie altijd mogelijkheden in plaats van onmogelijkheden. Dikwijls vraag ik mensen in mijn huidpraktijk of zij hun kinderen of hun partner wel eens zeggen hoe zij hen waarderen, complimenten maken of zeggen dat zij oprecht van hen houden. Dan krijg ik vaak als antwoord: “Nee, maar dat weten zij wel, hoor.” Dat is echter niet altijd zo. Het is heerlijk om complimenten te krijgen van je vader, moeder of partner. Het voelt als een warm bad. Zelf kun je ze ook niet vaak genoeg geven. Door je waardering uit te spreken en complimenten te geven aan je geliefden, maak je sterke mensen met een goede basis, die zeker in het leven staan en voelen dat zij worden gewaardeerd. Om te illustreren hoe wijs mijn moeder kon reageren en hoe mooi ze met situaties kon omgaan nog een voorbeeld uit mijn jeugd. Als meisje van 10 werd ik getiranniseerd door een jongetje op school. Als ik op straat de hoek omliep, stond hij me op te wachten en gaf me iedere keer
weer een aantal rake klappen. Eerst liet ik het maar over me heen komen. Toen het te gek werd, heb ik het mijn moeder verteld. In plaats van op hoge poten naar school of naar zijn ouders te gaan of tegen de jongen tekeer te gaan, stapte mijn moeder op hem af en vroeg heel vriendelijk: “Goh joh, waarom sla je Marjo?” Hij keek haar aan en zei: “Omdat ik haar zo lief vind.” Deze reactie was een openbaring. Het lot nam een andere wending voor die jongen én voor mij. Natuurlijk legde mijn moeder hem uit dat je niet op die manier je liefde aan iemand toont. Ze sprak met hem over hoe je wel met elkaar omgaat en vanaf die dag heb ik nooit meer last van die jongen gehad. Als zij echter wél naar school was gegaan of meteen een grote scène had gemaakt tegen hem, was die jongen nog opstandiger geworden en had hij die wijze les van mijn moeder nooit geleerd. Dit voorval speelde meer dan 50 jaar geleden, maar deze aanpak kan nog steeds werken. Waarom niet eerst vragen
waarom iemand iets doet, voordat we gaan schreeuwen?

Gevormd
Mijn moeder was een vrouw met passie, zij probeerde het beste uit de mens te halen. De ervaringen uit mijn jeugd hebben mij gevormd. De relatieve tegenslagen die ik ondervond – het eczeem, de opmerking van de pianoleraar, het jongetje dat me sloeg en het feit dat ik voor alles heel veel moeite moest doen – hebben mij gemaakt tot wie ik ben. Ik leerde omgaan met situaties waarbij je kracht moet tonen. Gesteund door een moeder met power, die zelf thuis geen liefde had ontvangen.
Zo heb ik ontdekt hoe je jeugd je kan vormen en ruimte creëert voor passie, waardoor je op een dag in je power kunt komen.

Tot ons grote verdriet overleed mijn broer geheel onverwacht op 27-jarige leeftijd als gevolg van een auto-ongeluk, zijn vrouw en twee kleine kindjes achterlatend. Mijn ouders zijn daar nooit meer helemaal overheen gekomen.

Bovenstaande tekst komt uit het boek: Passie en Power - leven met hart en ziel van
Lifestyle Coach - Marjo Horn

Hoofdstuk 1.3 Geen uitblinker, toch passie en power!- Klik hier voor de inhoudsopgave.

Reageren: je kunt met Marjo Horn in contact komen via marjohorn@wxs.nl